06 12 2003 - Oos Taal: aflevering 19
Plare mit de flaermoes
door Wim Kuipers -
Over onze oorlog, die
van 40-45, verschijnen nog steeds boeken. Ook al weet de jeugd daar maar weinig
van. Wat we nu Limburg noemen, het gezegende gebied rond de Maas, heeft meer dan
twee eeuwen vrijwel onafgebroken oorlog gekend. Ongetwijfeld is er ook toen wat
geschreven over die oorlog, misschien wel in het Limburgs, maar daar is niets
van overgebleven.
Hoe
jammer, want waren er een honderd boeken bewaard van tussen 1500 en Napoleon,
dan zouden we wellicht weten wat het werkwoord plare
toen betekende. Een intrigerend woord dat in heel Limburg voorkomt en ook overal
eender uitgesproken wordt. Alleen de betekenissen verschillen, willen tenminste
de woordenboeken.
In Venlo en in de Peel betekent het: sukkelen, speciaal met de gezondheid. Ertussenin - in Helden - zou hetzelfde woord betekenen: tegenslag verwerken. Dat lijkt mij een enigszins verkeerde omschrijving. Ik heb dat woord daar tientallen malen gehoord, in de betekenis die het Venloos Opzeuk Beukske heeft: van alles doen, aanrommelen. Het officiële woordenboek van de Noord-Limburgse metropool zegt nog: prutsen - waat bös te aan het plare? Aanrommelen, prutsen: zo kan de betekenis sukkelen met de gezondheid ontstaan zijn.
Het woordenboek van Tegelen meent:
ploeteren, en in Haelen is plare zoiets als zwaar werken. Frits Criens
geeft als voorbeeld: wanneer een auto in de sloot (graaf) geraakt was, om
die weer op de weg te krijgen, det woor
plare.
Ga je nu vanuit Haelen naar
beneden, kom je na 14 kilometer in Echt, en daar zou plare betekenen: in
of met water spelen. Zo zegt ook het woordenboek van Valkenburg. En dat van
Heerlen - 120 jaar geleden: plonsen en fladderen. In het nieuwe woordenboek van
Heerlen ontbreekt het, maar dat is dan ook geen woordenboek maar een soort
statussymbool.
De tweede betekenis – vroeger dan –
was: fladderen. Een vleermuis heette toen te Heerlen: ein
plaarmoes. Bij de meer dan 100.000 Loquela - Westvlaamse woorden
en uitdrukkingen die Gezelle naliet, staat plaaieren: zoals een vleermuis
doet, of als een mens in het water. Fladderen dus, waarvoor ik flakere
gebruik, hoewel: dat is meer angstige bewegingen maken.
Het WNT (Woordenboek der Nederlandsche Taal) onderscheidt
drie werkwoorden plaren of pladeren, met in totaal meer dan tien
betekenissen. Helaas staan de Limburgse betekenissen ‘zwoegen’ en ‘wat
aanmodderen’ er niet bij. De Middelnederlandse betekenis: beuzelen, babbelen -
vergelijk Duits plaudern - vinden we wellicht in de woorden
plaarzak en plaarhannes, uit Arcen. Of zijn dat prutsers? Want het
woordenboekje waarin die staan vermeldt geen betekenis.
Wat moeten we nu met dit nog uiterst
bruikbare woord? Gebruiken – in alle betekenissen. Zeker: waat ei
geplaar. Uit de zin zal dan wel op te maken zijn of het zwoegen is, prutsen,
beuzelen of sukkelen.
En het fladderen dan?
Misschien hebben we met één (werk)woord te maken, want zo heel veel verschil is
er niet tussen fladderen en (met de handen) in het water wapperen, wat wapperen
in de keuken (niet goed weten wat te doen), aanrommelen, prutsen, prutsen met de
gezondheid (op en neer gaat die, die fladdert als een vleermuis). Zo kan dit
woord gebruikt worden – en dan ben je waarlijk met taal bezig.
Volgende aflevering: Level 4 sjtiepe
Reacties naar: info@limburghuis.nl,
of: agl@home.nl.