- Dagblad De Limburger,
08 06 1991
- Wim Kuipers
(Letterbak)
-
- Gevraagd: dialectwerkplaats
-
- Bericht uit de krant
van maandag: de provincie stopt een meevaller van bijna vijf miljoen in twee
musea. Mooi. Ik vind op mijn bureau ook nog subsidies voor het Vrouwenhuis
van Maastricht en voor een volkspaleis voor het overdekt beoefenen van een
beroemd Frans knikkerspel. Er krijgen nog 1014 andere clubs en instanties
subsidie. Maar wat doet Limburg voor een van de kostbaarste schatten die het
heeft, zijn taalschat?
- Ik heb het vaker
gezegd: vrijwel niets. Ik blijf niet knotere en zumpe, maar laat
mij daar, om met de dichter Nijhoff te spreken, -midden uit de oneindigheid
een stem vernemen dat mijn oren klonken. Een niet-Limburger Cees van
Herkhuizen, directeur van het Kreatief Centrum Zuid-Limburg West in Geleen,
heeft vier jaar geleden bij de provincie een plan ingediend voor een
dialectwerkplaats. Samen met theatermaker, dichter en cabaretier Ger
Bertholet.
- Ze werden net niet
weggelachen op het provinciehuis, vertelt Cees nu, "maar we zijn geen
moment serieus genomen. Er is nooit meer met ook maar één
woord over ons plan gerept."
-
- Wat niet is, kan nog
komen. Het toeval neemt een binnenweg naar het doel, zij diezelfde Nijhoff.
Maar wat wil Cees? Beter: wat mist(e) hij?
- "Alles. Dialect
wordt hier in Limburg niet serieus genomen. Je weet met waar je moet zijn
als je iets wil met en in dialect. Het materiaal dat er is, is niet
toegankelijk. Er is geen geordende documentatie. Ik ken zes, zeven
toneelgroepen die zich bezighouden met dialect. Ze kunnen nergens terecht,
moeten hun stukken zelf vertalen, zonder hulp. Als je kinderen wat wil
vertellen over hun moedertaal, helaas, er is geen didactisch materiaal. Moet
ik verdergaan?"
- Ja, maar niet alleen.
Anderen moeten de vastgelopen kar mee aanpakken. Paar stevige knuisten om de
spaken en duwen. Als je een golfbaan wil, rij je in een Mercedes naar het
provinciehuis en het is geregeld. Voor dialect moet gewuuld
worden.
-
- Er moet eerst een plek
komen waar mensen terecht kunnen, zegt Cees. Een dialectwerkplaats. Daar
wordt gewerkt met dialect zoals een timmerman met hout werkt. Er zijn
workshops voor drama en poëzie.
- Dichters lezen er
voor, vertellen over hun werk, waarom ze in dialect dichten, inspireren
elkaar.
- Cees: "De functie
van zo instituut is het ontwikkelen van nieuwe dingen. Je haalt het dialect
dan ook weg uit de hoek van oude mannen die oude vergeten woorden
opschrijven."
- Hij denkt dat zo'n
werkplaats zeer belangrijk kan zijn voor de ontwikkeling van het dialect. Ik
ook. Dat betekent natuurlijk niet dat er dan ineens meer mensen dialect gaan
spreken. Maar mensen ontdekken ongekende mogelijkheden. Er komen nieuwe
woorden, we lenen van elkaar, er ontstaat misschien (mijn droom) een
algemeen Limburgs. Een kunsttaal voor mijn part, die nergens zuiver
gesproken wordt, maar waar wonderbaarlijke gedichten in geschreven worden,
en proza als een paukenslag.
- Ik vind dus dat er in
die werkplaats (wérkes?) uitsluitend kwaliteit moet tellen.
Pruldichten, feestgidsen, carnavalsproza, berg dae ambras maar elders op,
want de werkplaats is een serieuze zaak.
- En de Letterbak is
wegens vakantie drie weken op slot.
-
- Wim
Kuipers