Als het met besluitvorming helemaal mis loopt, hebben bestuurders altijd nog de schoonheidsprijsformule. Een ideaal middel om fouten te verbloemen. Vandaar dat je steeds vaker hoort: "Het verdient geen schoonheidsprijs, maar..."
Leve de schoonheidsprijsformule
Door Margriet Smeets
Het schijnt dat de benoeming van de Limburgse streektaalfunctionaris onoirbaar is verlopen via handjeplak en zwaan kleef aan. Kwaliteitscriteria zijn relatief natuurlijk, maar een procedure heeft toch wel absolute kenmerken. Eigenaardig dat de provincie die vaak baat heeft bij rigide toepassing van regels, in dit geval de teugel heeft laten vieren.
Waarschijnlijk heeft gedeputeerde
Eurlings ingeschat dat de wet van de kleine getallen van toepassing was. Weinig
mensen die zich ermee bezighouden, geen miljoenenproject, dus weinig stampij te
verwachten. En mocht iemand doordrammen, dan wordt de schoonheidsprijsformule
van stal gehaald. Deze formule verloopt als volgt. In de media reageert iemand
op een misstand. Er zijn twee mogelijkheden, de verantwoordelijke persoon
reageert of reageert niet. Wanneer iets meer commotie ontstaat, volgt overleg en
daarna komt de welbekende uitspraak: 'Het verdient geen schoonheidsprijs,
maar......' Op het stippellijntje moet iets worden ingevuld en de meeste
Limburgers kunnen zo onder de hand een heel rijtje opsommen:
1. we wilden de
zaak snel afhandelen
2. het leek ons een goede oplossing
3. anders zou het
nog meer uit de hand lopen
4. we stonden met de rug tegen de muur
5. we
hebben ons uiterste best gedaan
Soms wordt nog gebruik gemaakt van: we
wisten niet dat de zaak zo gevoelig lag. Daarmee is aan het ritueel voldaan en
gaat men over tot de orde van de dag. Dat is eigenaardig want het overgrote deel
van Limburg is opgegroeid met mea culpa, omdat de kerk vindt dat schuld bekennen
mensen in een ontvankelijke positie plaatst om het ware geloof te kunnen
aanhangen. Maar hoort u een gezagsdrager wel eens zeggen: inderdaad, fout
besluit, wij hebben het verkeerd gedaan en wij draaien de zaak terug? Altijd
komt die schoonheidsprijsformule op de proppen. Dit cliché is een goed
gekozen symbool voor de optische benadering van de werkelijkheid. Er wordt mee
gesuggereerd dat intrinsieke waarden doorslaggevend zijn geweest bij de
besluitvorming en ja, dan moet je wat mislukte vormgeving maar voor lief nemen.
Ongeveer zoals je vroeger te horen kreeg dat een hartje van goud meer waard was
dan een mooi uiterlijk. Hartjes van goud kunnen in kleine kring heel waardevol
zijn, maar daarbuiten schuift het niks, behalve wanneer je toch al hoog in de
boom zit. Iemand die maatschappelijk carrière heeft gemaakt, kan de
beeldvorming rond zijn persoon aanzienlijk versterken met goede werken,
benefietvoorstellingen en af en toe een zaterdagmiddag bejaardenwandelen.
Wanneer de carrière ontbreekt, valt onbaatzuchtig vrijwilligerswerk in
een zwart gat. Het is onzichtbaar zonder persfotograaf.
De overheid heeft
meer positieve communicatie nodig. Het is logisch dat het huidige
informatiebombardement, dat inslaat van mediahype naar de volgende mediahype,
zorgt voor steeds verfijndere communicatietechnieken. De beste reclame is niet
rationeel, maar slaat eens flink in de onderbuik. Overtuigen is een anonieme
bezigheid en niet veel mensen voelen zich aangesproken. Wanneer iemand
persoonlijk op zijn gevoel geraakt wordt, valt het kwartje wat sneller. Toch zie
je in de communicatie van de overheid vooral een onsamenhangend
tweesporenbeleid. Aan de ene kant aandacht voor de uiterlijke vorm - een goed
voorbeeld is het Provinciaal Omgevingsplan (POL), dat met meerkleurendruk en
duur papier vooral de indruk wekt dat het van een super winstgevend bedrijf
vandaan komt - terwijl tegelijkertijd krampachtig de oude vertrouwde autoritaire
lijn wordt aangehouden. Gezagsdragers laten zich graag aaien door het dogma van
de pauselijke onfeilbaarheid. Dat begrijp ik niet zo. Het menselijk tekort
showen, liefst in combinatie met berouw, werkt toch ook prima? Kijk maar naar
Bill Clinton. Het diskrediet van zijn morele reputatie deed geen afbreuk aan de
algemene opvatting dat hij een bekwame president was. Maar misschien is men bij
de provincie Limburg nog niet in staat tot zulke dubbele salto's. Het vereist
wat vindingrijkheid en durf om eens een andere invalshoek te proberen.
Onelegante besluitvorming - weer zo'n verdoezelende toevoeging - zou in het
geval van de benoeming van de streektaalfunctionaris best anders gebracht kunnen
worden dan wat we nu te horen kregen: 'Dat bleenk auch', zag de gedippeteerde,
en hae wieksde de sjeun mit sjroep.
M. Smeets is werkzaam op het gebied van communicatie.
dinsdag, 23 januari 2001