Aan het College
van Gedeputeerde Staten;
Aan
de Fractievoorzitters van de Politieke Partijen;
Aan de leden van de Commissie Welzijn, Zorg en
Cultuur
Heerlen, 19 januari 2001
L.S.,
De krantenberichten in het Limburgs Dagblad van 13 januari jl. en Dagblad De Limburger d.d. 16 januari jl. betreffende de aanstelling van een streektaalfunctionaris en het installeren van "ein Raod veur ‘t Limburgs" liegen er niet om. Gelukkig maar dat de Limburgse pers op een objectieve wijze de inwoners van Limburg laat weten wat er zich afspeelt rond deze affaire.
Dat er sprake is van herrie en ruzie gaat ons te ver. Natuurlijk dient elke Limburgse inwoner op de hoogte gesteld te worden van de feiten. Duidelijk is dat Veldeke Limburg op een niet goed te praten wijze misbruik maakt van haar door de deputé van Welzijn, Zorg en Cultuur, de heer drs. M.Eurlings, toegekende "alleenrecht" voor het behoud van de Limburgse taal en cultuur. Dat er sprake is van onduidelijke politiek kunnen we alleen maar onderschrijven. Hoe is het mogelijk dat politici zich op een dergelijke manier bijna bij de neus laten nemen. Zoals ongetwijfeld bekend zijn in Limburg veel mensen begaan met de Limburgse taal, zoals stichtingen, commissies, werkgroepen, particulieren, heemkunde-verenigingen enz. Steeds meer begint het erop te lijken dat het gaat om personen en niet om de zaak zelf. Dat gebeurt overigens al vele jaren. Wat veel mensen niet weten is hoe de structuur van de Vereniging Veldeke Limburg in elkaar zit. Leden van Veldeke Limburg hebben geen invloed op het door het hoofdbestuur en het algemeen bestuur bepaald beleid. De leden ontvangen enkel enkele malen per jaar een clubblad en als het meezit mogen ze een maal per jaar een ledenvergadering van de kring bezoeken. Voorwaar geen vereniging waarvan gezegd kan worden dat zij de Limburgers kan en mag vertegenwoordigen. Daarvoor is een breder platform gewenst en noodzakelijk waarin Veldeke natuurlijk wel mag participeren. Zowel de St. DOL als de Werkgroep AGL kennen vele belangstellenden, sympathisanten en lokale werkers achter zich staan. Het voert te ver nu in te gaan op al hetgeen in het jaar 2000 de Statenleden heeft bereikt. Wij mogen hier verwijzen naar de voordracht van Dr. Alex M. J. Riemersma d.d. 16 juni 2000.
Met betrekking tot het ons toegestuurde stuk met als onderwerp "Streektaal-functionaris en begeleidingscommissie "Raod veur ‘t Limburgs"", de volgende opmerkingen:
Voor zover nog
niet duidelijk zijn wij het oneens met:
A De procedure
B De samenstelling van de adviescommissie
C Het verloop van het gehele proces na het indienen van het
initiatiefvoorstel door PNL
ad. A
Tijdens de vergadering van
Provinciale Staten is aan de hand van feiten duidelijk geworden dat de procedure
niet alleen geen schoonheidsprijs verdient, maar absoluut verwerpelijk is. Heeft
in eerste instantie onze gouverneur afstand genomen van uitspraken die door hem
zouden zijn gedaan geschreven in het tijdschrift Veldeke jg 75, 2000 nr. 4
waarin ook de advertentie geplaatst was voor een streektaalfunctionaris, nu is
het de beurt aan deputé Eurlings. Tijdens de commissievergadering
Welzijn, Zorg en Cultuur weet de heer Eurlings zich maar nauwelijks te redden.
Hij geeft toe dat er wat betreft de procedure onzorgvuldig is gehandeld. Daaruit
blijkt dat hij op de hoogte moet zijn geweest van het gehele door hem en Veldeke
Limburg opgezette plan, met, nemen wij aan, goedkeuring van GS Tijdens deze
vergadering neem de heer Eurlings afstand van de passage 4.1 van Veldeke
Limburg. Procedures behoren altijd zorgvuldig en correct te verlopen. Eerlijke
politiek, openheid naar alle betrokkene kan alleen bestaan bij de gratie van een
sterk politiek normbesef en het in achtnemen van alle grondwettelijke rechten.
Zoals het recht op vrije meningsuiting. Wij vragen ons af waarom de Provincie
Limburg de website "www.limburghuis.nl" tot nu voor zover bekend heeft
geblokkeerd. Beide aspecten worden door de huidige vertegenwoordigers aan hun
politieke laars gelapt. Een afgang voor politici, een klap in het gezicht van
elke geïnteresseerde Limburgse kiezer. Zowel voor de bezetting van de
functie Streekfunctionaris als de bezetting van de ‘Raod veur ‘t
Limburgs" waren blijkbaar de namen al ingevuld alvorens over te gaan tot
een op een democratisch lijkende procedure. Ref.: verslag 12 januari Commissie,
Welzijn en Cultuur.
Ad. B.
Waren in eerste instantie
bijna alle partijen in de Provinciale Staten sceptisch over het door PNL
ingediende initiatiefvoorstel, nu er steeds meer feiten op tafel komen worden de
ogen van de vertegenwoordigers meer en meer geopend. Terecht verzetten zij zich
tegen deze onjuiste aanpak van een daarvoor te serieus te nemen zaak. Wat
betreft de samenstelling van de Adviescommissie blijven veel vragen bestaan. Met
alle respect voor mevrouw Prousmans en Prof. Dr. Draye: Waarom twee Belgen in
een dergelijke commissie? België heeft het Europees verdrag voor
Minderheidstalen niet een ondertekent. Dat Prof. Dr. Van Hout gevraagd zou
worden ligt waarschijnlijk in het verlengde van de "Operatie WLD"
(Ref. Advies van de Ambtenaar voor Cultuur aan betrokkenen). Of en op welke
wijze de heer Dr. P.Bakkes betrokken is bij de samenstelling van het WLD blijft
een vraag.(Ref. idem). Gewis geen manier van werken om trots op te zijn! Waarom
niet gewoon mensen gevraagd uit onze provincie? Limburg heeft genoeg deskundigen
al zitten die ook niet bij Veldeke Limburg, maar bijvoorbeeld bij het L.G.O.G. ,
S.H.C.L., de werkgroep AGL, de St. DOL en andere verenigingen, en deskundige
particulieren. Natuurlijk moeten in het kader van een grensoverschrijdende
aanpak ook vertegenwoordigers uit België en Duitsland zitting hebben in de
Raad. Ook wij juichen samenwerking met Universiteiten toe. Heeft het Openbaar
Bestuur weleens stilgestaan bij het feit dat er in Heerlen een Openbare
Universiteit bestaat die met vertegenwoordigers van andere universiteiten zouden
kunnen samenwerken. Misschien ware het wenselijk met de heren S. Stijnen en H.
Münsterman, beiden dialectoloog) eens contact op te nemen. In het verleden
heeft de St. DOL vanaf de oprichting aandacht gevraagd voor het zogeheten
Kerkrade-onderzoek. De bevindingen daarin zijn voor de Provincie Limburg nooit
aanleiding geweest ook maar iets met dit geldverslindende onderzoek te doen.
Vele taal-kundigen zijn op basis van dit onderzoek gepromoveerd. Vandaar nu onze
sceptische houding t.a.v. nog meer dure universitaire onderzoeken. Veel
bruikbare gegevens liggen op tafel. Laten we ons oriënteren op bestaande
onderzoekgegevens en niet weer opnieuw onnodig geld uitgeven aan verder
onderzoek. Laten we ons sterk maken voor het werk op scholen, de educatie en
begrijpbaar leer- en lesmateriaal voor geïnteresseerden. De St. DOL heeft
zich met name op de uitkomsten van het Kerkrade-onderzoek georiënteerd en
op basis van de daaruit te destilleren conclusies activiteiten
ondernomen.
Ad. C.
Inhoud advies, inclusief
verloop procedure.
Op de
vergadering van 12 januari jl. geeft de heer van de Hout toe dat er te weinig
tijd is geweest om een goed advies te kunnen uitbrengen. Waarom deze haast?
Tijdsdruk? Beter geen advies dan een slecht advies. De gedane aanbevelingen zijn
absoluut ondoorzichtig en niet wenselijk. Zowel de heer Eurlings, de St. DOL en
de werkgroep AGL hebben aangegeven dat er sprake is van een ondoorzichtige en
onvolledige wijze van werken en rapportage. Wat te doen met een adviescommissie
die zichzelf promoveert tot "Raod"? Een voorbeeld van
belangenverstrengeling. Het aanstellen van een streektaalfunctionaris en het
instellen van een ‘Raod veur ‘t Limburgs" is naar onze mening
op korte termijn echt niet nodig. Na vijf jaar wachten mag het wel enkele
maanden duren. Het verleden wijst uit dat met vele voorstellen en initiatieven
en/of aanbevelingen niets is gedaan. Aan de consequenties, verbonden aan de
toekenning van het predikaat " Limburgs een minderheidstaal", is
jarenlang niets gedaan. Tot de afgelopen maanden is er geen enkele actie
ondernomen. Ook het prijskaartje dat aan de benoeming is opgehangen is voor drie
maal elf maanden (inclusief vakantiegeld?) lachwekkend hoog. Van alle geld dat
tot heden is uitgegeven aan en nog uitgegeven gaat worden, om dat gene te
realiseren wat nu gewenst wordt, zouden de St. DOL, de werkgroep AGL en andere
zoveel goeds hebben kunnen doen dat het Limburgs als taal bij de Limburgse
bevolking en daar buiten allang respect zou hebben afgedwongen. Wat de impact
betreft: een financiële aderlating die niet kan worden overzien. Een
persoon alleen maar begeleiden naar een voldoende pensioenopbouw is geen taak
van het provinciaal bestuur. Het argument om vanaf 2004 hiervoor de heer Van den
Berg te benoemen is ronduit belachelijk. Wij achten het beslist niet
noodzakelijk dat een Nederlands-Limburgse streektaalfunctionaris ook in het
buitenland actief moet zijn. Waarom stellen deze landen, België en
Duitsland, zelf geen streektaalfunctionaris aan. Indien gewenst kunnen zij door
hun vertegenwoordiging in een nog samen te stellen "Raod" altijd
vragen om hulp vanuit Nederlands Limburg en omgekeerd. In Nederlands Limburg is
voldoende werk voorhanden.
SAMENVATTING:
Op basis
van het geschrevene concludeert het bestuur van de Stichting Dialect- en
Cultuuronderwijs Limburg dat
-
het ontwerpbesluit niet kan en mag worden aangenomen door de Provinciale
Staten;
- er een Raad dient te
komen samengesteld uit alle partijen zoals voornoemd;
- het bestuur van de provincie het besteedbare
geld dat er nu is anders en meer adequaat dient in te zetten;
- het op pagina 8 onder punt 4 genoemde in de conclusies en aanbevelingen
voor buitenstaanders voldoende
garantie geboden wordt dat ook hun belangen worden gediend;
- het bestuur van de St. DOL zich op het
standpunt stelt dat een eerlijk en open proces met alle in het voorgaande genoemde betrokkenen een
"Raod veur ‘t Limburgs" dient te formeren, alvorens over te gaan tot het benoemen van een
streektaalfunctionaris. (man/vrouw);
- zij, indien noodzakelijk, zich zal wenden tot de klachtencommissie van
de provincie Limburg;
- zij,
op basis van de uitslag, verdere stappen zal ondernemen om deze zaak bij andere
derden onder de aandacht te
brengen, opdat de rechtmatigheid van het handelen op een onafhankelijke wijze getoetst kan
worden.
Indien
Gedeputeerde Staten en de leden van de Provinciale Staten op dit moment hun
goedkeuring geven aan het voorliggende Advies leidt dit nooit tot vrede, maar
bewerkstelligt dit alleen verdeeldheid.
Wellicht dat de heer Eurlings zich nu de vraag moet stellen
of dit Advies moet vallen onder het hoofdstuk Cultuur of onder het hoofdstuk
Zorg.
Namens het bestuur van de Stichting Dialect- en Cultuuronderwijs Limburg,
Mw Leonie
Robroek
Drs. Leo
Henderikx