18 11 2004 Dagblad De Limburger

Limburgers schelden zachtaardig

Guus Urlings - 
Heerlen - Limburgers vreigele, sjoebbe, sjelje, sjoere emes d'r poekel, make angere oet veur al wat se lever in 't duuster zegke zóws. Ze sakkere, foetere, sjtechele, sjpoeze, poetse emes oet, ensjele zich, griezegramme, sjliepe emes oet, sjampe en höllewölle als de besten. Kortom, vrij (en vrij kort door de bocht) vertaald: schelden, daar kunnen Limburgers wat van.

Wát ze er precies van kunnen, wordt duidelijk bij het doorbladeren van Tru Ruezel en Betje Sjravel, de aansprekende titel van een gloednieuw scheldwoordenboek. Ondertitel: 'Meer dan 5400 Limburgse scheldwoorden en persoonstyperingen'.

Het boek is samengesteld door de Heerlense Leonie Robroek (43) van de stichting Dialect- en Cultuuronderwijs Limburg. ,,Ik was al op heel jeugdige leeftijd geïnteresseerd in talen, in taal in het algemeen. Dan ga je verzamelen. Woorden, uitdrukkingen. Zo bouw je een enorme collectie op. Daar wil je dan ook iets mee dóén. Dat 'iets' is een verzameling geworden van de uitdrukkingen die Limburgers in de mond nemen om hun ongenoegen over de medemens te ventileren. Scheldwoorden, ja.''

Aan stof geen gebrek. Limburgse dialectsprekers zijn creatief in hun taalgebruik, en dat vertaalt zich in een heel levendig en gevarieerd aanbod van scheldwoorden, zegt Robroek. Maar is Limburgs schelden dan ook anders dan 'Hollands' schelden? Ze denkt even na. ,,Ik denk dat schelden op z'n Limburgs net iets minder hard is dan op z'n Hollands, iets zachtmoediger, met iets meer humor ook.'' Al zal die indruk van 'zachtheid', denkt ze, vooral te maken hebben met het feit dat Nederlands harder klinkt dan de wat zangerige Limburgse dialecten. ,,Want Limburgers zijn niet te beroerd om elkaar flink de mantel uit te vegen.''

Scheldwoordenboek moet hardop gelezen worden
Vervolg vanpagina 1

Heerlen - Wie Tru Ruzel en Betje Sjravel hanteert als leesboek, gewoon bladzijde voor bladzijde omslaat en afwerkt, wordt al snel bevangen door een merkwaardig soort lacherigheid. Dat is het nadeel van een lange lijst scheldwoorden in boekvorm, erkent samenstelster Leonie Robroek. ,,Schelden gaat altijd gepaard met een bepaalde emotie, die de gehanteerde termen een extra lading geeft. Die lading mis je natuurlijk in zo'n boek.''

Daardoor gaat soms de kracht van het scheldwoord verloren. Maar hardop voorlezen wil nog wel eens helpen, blijkt in de praktijk.

Neem bijvoorbeeld de term zjwaegeltrien in de mond, laat de lettergrepen bedachtzaam rondgaan, voeg naar keuze een vleugje wanhoop of een snuifje minachting toe, en ontdek hoeveel sterker die term is dan het Nederlandse equivalent kletskous. Idem bij de mannelijke variant zjwaegelhannes. Herhaal die bewerking bij termen als ziepesjpringer (voor iemand die permanent onrustig is), mojer lanklief, vot zónder knäök (moeder langlijf, kont zonder botten = een buitengewoon mager en slordig mens), ingemaakdj verke (ingemaakt, tegen bederf geconserveerd varken = een vrek), hampelesies (onhandige klungel), zjweetbüt (letterlijk: zweetton = luilak), mooshómmel (gemoedelijk persoon) en monsjuijer (aan het Duits ontleend, letterlijk: Monschauer, inwoner van Monschau = buitengewoon lomp figuur). Komt het gevoel al een beetje?

Leonie Robroek brengt met Tru Ruezel en Betje Sjravel al weer haar achtste boek uit. Wie veel met taal omgaat, kan het schrijven moeilijk laten. Ze heeft Nederlands gestudeerd, maar zich vooral gespecialiseerd in de Limburgse dialecten. ,,Ik zat in het onderwijs, toen ik de vraag kreeg waarom er eigenlijk nauwelijks materiaal bestond om kinderen in schoolverband met dialect en heemkunde in aanraking te brengen. Daar ben ik toen mee aan de slag gegaan. Zo is het dialectballetje echt aan het rollen gekomen.''

En nu ligt het balletje bij de scheldwoorden.

Het is de bedoeling dat Tru Ruezel en Betje Sjravel -de titel verwijst naar Limburgse benamingen voor wat slordige typetjes, doelloos rondscharrelend door het leven, met een zweem van sleetse kale kak- eind deze maand, net voor de feestdagen/cadeaudagen, in de winkels ligt. Kwestie van timing.

Hoewel.... Is het wel echt zo'n handige zet, een scheldwoordenboek uitbrengen in een tijd waarin de discussie in het land zich vrijwel helemaal concentreert rond begrippen als vrijheid van meningsuiting, belediging en godslastering? ,,We zijn een beetje door de actualiteit gepasseerd'', zegt Robroek. De voorbereidingen voor het boek waren al volop gaande toen de moord op Theo van Gogh die discussie liet oplaaien. ,,En, zoals gezegd, het gaat dan wel om scheldwoorden, maar het is allemaal redelijk zachtaardig. Meer schimp en schampscheut dan grof. Echte verwensingen en vloeken heb ik niet opgenomen.''

Tru Ruezel en Betje Sjravel. Samengesteld door Leonie Robroek. Uitgegeven door Stichting Cultuur- en Dialectonderwijs Limburg. Prijs 15 euro. Vanaf 29 november te koop/ te bestellen.