- Werkgroep AGL, 15 08
2000
-
- Ten
geleide:
- Wat willen
we met dat Algemeen Geschreven Limburgs?
-
- Het begrip AGL (Algemeen Geschreven Limburgs) werd door journalist Wim
Kuipers in zijn wekelijkse taalrubriek 'De Letterbak' in het dagblad de
Limburger in 1988 voorgesteld. Kuipers vroeg zich af of het voor het behoud
van de taalschat van de Limburgse dialecten niet wenselijk was, het idioom,
de spreekwoorden en de uitdrukkingskracht onder de koepel van een eenvoudige,
leesbare spelling onder te brengen.
-
- Hij had natuurlijk ook kunnen voorstellen alles naar het Nederlands
te vertalen, en het op die manier te bewaren. Maar streektaal hangt dermate
hecht samen met klankrijkdom en uitspraakkenmerken, dat vertaling eigenlijk
een amputatie van dit oude cultuurgoed is.
Dus werd gezocht naar een verband dat toch de warmte, de eigenheid
en vooral de inborst van deze taal het best zou weergeven.
De redactie is namelijk van mening
dat ook niet-Limburgers of mensen die geen Limburgs dialect spreken kennis
moeten kunnen nemen van de uitdrukkingskracht van onze taal.
-
- Dit AGL is dus een compromis tussen de uitersten met aan de ene kant:
- de voorstanders van de verscheidenheid van dialecten die terecht
deze verscheidenheid willen bewaren
- degenen die het allemaal niks kan schelen
dat dialecten opgeslorpt worden door sterkere talen. (En daarbij
hoeven we in deze globaliserende wereld niet eens meer aan het Nederlands te
denken, maar zelfs aan vreemde talen zoals het Engels).
-
- De redactie is er zich terdege van bewust dat velen hun uitspraak, wellicht
zelfs hun woordkeuze, in dit Limburgs niet zullen herkennen. De redactie
beseft ook dat de benaming 'Limburgs' eigenlijk buitensporig is voor het
taalgebruik dat in de beide Limburgen (in België en Nederland) leeft. Mensen
van Kerkrade, Heerlen, Venray, Meijel, Tongeren, Hasselt zullen deze geschreven
taal wel kunnen lezen en verstaan, maar ze zullen er toch de affiniteit
met hun eigen dialect in missen.
Maar de noemer 'Limburgs' is
voor binnenstaanders en buitenstaanders in ieder geval een billijke
omschrijving van het gebied waar deze taal gesproken wordt. (Historisch en
taalkundig gezien hadden we het beter taal van de Nedermaas, Nedermaaslands,
Nederfrankisch of Oud-Nederduits kunnen noemen).
-
- De spelling is geen beschikking
van een redactie om aan anderen iets op te leggen of voor te schrijven. Het
is een verschoonbaar vergelijk om door bijlegging van de verschillen toch te
beginnen met de bouw van een schatkamer voor de taal die onze voorouders zo
dierbaar was en die ze ondanks bezettingen en invloeden van buiten zo koppig
en hardnekkig hebben bewaard.
-
- Het AGL is niet gericht tegen de
plaatselijke dialecten, integendeel. Wij hopen dat velen er hun vergeten en
verdwenen woordenschat en de kleur van hun taalgebruik weer mee tot leven
kunnen brengen. Voor al diegenen die hun plaatselijke taal willen
opschrijven en verder willen ontwikkelen stelt de redactie het databestand
gratis ter beschikking.
-
- Maastricht, augustus 2000
- Namens de redactie,
Wim Kuipers, Paul Prikken, Leonie Robroek